vrijdag 8 mei 2015

Matt Schofield

't Is alweer even geleden maar op maandagavond 6 april was bluesgitarist en zanger Matt Schofield in Nederland in cafe De Noot te Amersfoort. Ik had hem weleens op TV gezien bij Vrije Geluiden. Via het onvolprezen Youtube kun je dit terugzien:



Deze maandagavond speelde hij met een Nederlandse begeleidingsband genaamd 'Big Pete's Urban Achievers'. Opvallend was dat hij zelf alleen gitaar speelde. Zanger en bluesharp-speler Pieter van der Pluijm nam alle zangpartijen voor zijn rekening. Matt's gitaarstijl zit boordevol invloeden uiteenlopend van Stevie Ray Vaughn, BB King, Jimi Hendrix enzovoorts. Ook de nodige jazz-invloeden veegt hij niet onder stoelen of banken. Opvallend is dat hij rustig de tijd neemt om in zijn improvisaties een verhaal uit te werken. Dat maakt zijn spel heel toegankelijk. Uiteraard kan ik nog uitgebreider vertellen hoe zijn spel is maar ik wil je aanraden om zijn muziek te beluisteren. Om je op weg te helpen een registratie van een live-concert uit 2014:

dinsdag 21 april 2015

Jazzmuziek, DWDD en smaakverbreding

Een ruime week geleden was de uitzending van De Wereld Draait Door met 100 Nederlandse jazzmusici (volg evt. de link: http://www.npo.nl/de-wereld-draait-door/13-04-2015/VARA_101372565). Onderdeel van de tafeldiscussie was waarom 'het grote publiek' jazzmuziek niet omarmt. Onder meer werd gezegd dat het woord 'jazz' te eenzijdig is omdat er ook pop-invloeden in jazzmuziek te vinden zijn. Daarnaast werd ook de 'bebop' (als subgenre van jazz) als negatief voor de beeldvorming genoemd. En inderdaad, de gemiddelde Nederlander (als die al bestaat) zal bij het woord 'jazz' toch een negatieve bijsmaak in de mond proeven. Dit is onterecht natuurlijk!

De kern van het probleem zit hem natuurlijk in de vraag hoe mensen staan tegenover smaakverbreding. Indirect was dit ook het doel van deze uitzending van De Wereld Draait Door lijkt mij. Laat ik eea illustreren met een voorbeeld: Op het moment dat er een nieuwe iPhone uitkomt zijn er mensen die deze blind aanschaffen, zelfs nog voordat ze weten welke nieuwe features deze heeft. Als een nieuw - dus onbekend merk - een nieuwe mobiele telefoon op de markt brengt zullen veel minder mensen in de rij staan op de dag van de lancering. Ook als deze precies dezelfde features heeft als de iPhone. De iPhone heeft zich in het verleden bewezen en mensen praten erover. Voor het ontdekken van nieuwe muziek willen mensen graag eerst van anderen horen hoe goed iets is. Het is namelijk ook best lastig om de tijd te nemen om onbekende muziek te beluisteren om zo je smaak te verbreden. We zijn zo veeleisend, het moet meteen goed zijn ;). In de jazzmuziek is er dan ook de 'Penguin Guide to Jazz' waarin een 'core collection' van jazz-albums te vinden is waarvan men over het algemeen vindt dat die relevant is voor jazzliefhebbers. Ook de website 'All Music' is een geweldig kompas bij het verkennen van nieuwe muziek. In de popmuziek zijn er de hitlijsten en radio-DJ's die de smaak van het publiek kunnen sturen en op zo'n zelfde manier is er Radio 6 Soul & Jazz om nieuwsgierigen te informeren over jazz.

Daarnaast gebeurt het natuurlijk ook dat je toevallig nieuwe muziek hoort doordat je bijvoorbeeld een festival bezoekt met meerdere artiesten. Het begin van smaakverbreding is altijd nieuwsgierigheid en laten we hopen dat er festivals zullen blijven en een zender als Radio 6 toch in de lucht kan blijven om onze nieuwsgierigheid te blijven prikkelen. Uit ervaring weet ik dat het leren waarderen van jazz tijd kost maar je krijgt er dan ook veel voor terug.

vrijdag 27 februari 2015

Het innerlijk oor van de musicus en de kracht van zingen

Een opmerking die ik over muziekles weleens gehoord heb is dat deze pas succesvol is als je beter leert spelen wat je hoort. Nu is het interessant om in 1 zin de kwaliteit van de muziekles te kunnen vatten maar in dit geval wil ik graag de nuance eens opzoeken met die zin als uitgangspunt.
Wat de zin mijns inziens betekent is dat je in het proces van muziek maken werkt vanuit je klankvoorstellingsvermogen. Ook veel niet-musici maken regelmatig gebruik van dit vermogen; een liedje blijft in je geheugen hangen en je kunt het na verloop van tijd bijvoorbeeld fluiten tijdens het fietsen. Bij sommige stukken is het zelfs zo dat je melodie, begeleiding, bas en drums allemaal in gedachten kunt horen.
Je zou kunnen zeggen dat een mooie invulling van gitaarles kan zijn als je vanuit die situatie leert alle tonen die je in gedachten hoort op je gitaar te spelen. Maar wat nu als je noten leest of tabulatuur leest? En hoe zit dat bij improvisatie? Eigenlijk blijft hetzelfde ideaalbeeld van kracht; bij het zien van een notenbeeld hoor je de muziek in gedachten en je vingers creeeren dat op je instrument. Het is net als het lezen van een roman. Je hoort een stem in gedachten die het aan jou voorleest. Zelfs als er een drukfout staat lees je er zonder problemen overheen. Bij het improviseren veroorzaken je vingers de klanken die je in je hoofd hoort. Je denkt en creeert dus in gedachten de klank en de vingers volgen.

Bovenstaande gedachtengang heeft gevolgen voor de vraag hoe je oefent:
Ben je een beginner dan zal de aanblik van noten niet direct klank in je gedachten oproepen. Vaak zul je in het begin druk genoeg zijn met zaken als het vertalen van een noot in een vingerzetting en het bijhouden van de tel in de maat. Het echte musiceren ontstaat pas als je het liedje steeds beter gaat beheersen en je meer ruimte in je concentratie over hebt voor de klank.
Het werken met liedjes die je - van klank - al kent heeft mijn voorkeur. Hoewel dit natuurlijk niet altijd mogelijk is. Zeker in de eerste paar lessen waar je mogelijkheden nog heel beperkt zijn.
Wanneer je leert improviseren zul je in het begin moeite hebben je aan de juiste ladder(s) te houden en het zal wel even duren voordat je hele melodieen kunt spelen. Maar houd ook hier in gedachten dat als je vingers de weg weten de vervolgstap is om in klank te gaan denken.

Een heel goede stap om te zetten zou zijn om alles wat je speelt ook te leren zingen. Bij zang ben je volledig aangewezen op je klankvoorstelling. Dus meezingen met een liedje dat je leert van noten, meezingen tijdens je improvisatie kan je helpen in te schatten hoe evenwichtig je een stuk muziek hebt ingestudeerd.

donderdag 29 januari 2015

Hoe te leren improviseren in een vijfkwartsmaat

Deze keer wil ik stilstaan bij de vijfkwartsmaat. Aangezien deze maatsoort minder vaak voorkomt dan bijvoorbeeld de vierkwartsmaat en de driekwartsmaat is het in het begin nogal wennen. De vraag is hoe je dat het beste kunt doen.

Een eerste belangrijke stap is het bepalen van de indeling van de maat. In dit voorbeeld stel ik de maat samen uit een stuk van drie tellen en een stuk van twee tellen. Dat de twee onderdelen verschillen van elkaar maakt de maatsoort onregelmatig. Het is een zgn. onregelmatige samengestelde maatsoort.

De volgende stap is de tweedeling hoorbaar en voelbaar te maken voor jezelf door steeds op het begin van elk maatdeel een accent te geven. Het is dan ook fijn om per maatdeel nog een soort tussentijds accent te plaatsen. We accentueren dus enerzijds tel 1 en 4 en anderzijds de achtste na tel 2 en tel 5. Belangrijk is het om alle tussenliggende achtsten ook tot uitdrukking te brengen. Die zorgen namelijk voor de regelmaat. In het begin kan het heel helder werken om met een sequencer of drumcomputer dit ritme als begeleiding in elkaar te zetten. Uiteindelijk zou je zonder externe hulpmiddelen de verdelingen moeten kunnen voelen en zelfs kunnen improviseren zonder de tel kwijt te raken.

Vervolgens kun je de bovengenoemde accenten opschuiven door de maat. Dit kan door het geheel steeds een achtste op te schuiven. Zodoende ontstaan er tien verschillende ritmes zoals je hieronder kunt zien.:



Je kunt de pdf ook vinden via: 5_4 Displacements - Guitar.pdf
Doel bij het oefenen is om toch de oorspronkelijke tweedeling van de maat in je achterhoofd te houden. Het gaat allemaal om de relatie van het gespeelde met de dimensies van de maat.
Enkele voorbeelden van muziek in maatsoorten van 5 tellen:

-Theme from Mission Impossible - https://www.youtube.com/watch?v=XAYhNHhxN0A
(v.a. ca. 12 seconden hoor je het deel in vijfkwartsmaat). Later wordt teruggegaan naar een gewone vierkwartsmaat.
-Take Five - Dave Brubeck - https://www.youtube.com/watch?v=vmDDOFXSgAs
-The Great Gig in the Sky - Sam Yahel, Mike Moreno, Ari Hoenig, Seamus Blake - https://www.youtube.com/watch?v=EchjlKtQKcY
V.a. 43 seconden begint het deel in vijf achtste. Let vooral op het verrassingseffect wat door het gitaarintro opgeroepen wordt.
-Fives - Guthrie Govan - https://www.youtube.com/watch?v=-yPEewaalik

maandag 22 december 2014

Wes Montgomery Smokin' at the Half Note - Four on Six

De wereldberoemde jazz gitarist Wes Montgomery heeft me altijd verbaasd aangezien hij altijd zo fris melodisch en helder improviseert. Van zijn eigen compositie 'Four on Six' is er een mooie live-opname te vinden op het album 'Smokin' at the Half Note'. Hieronder vind je een opname op youtube:



Het thema en de gitaarsolo heb ik uitgeschreven en vind je hieronder. De solo zit overvol met mooie licks en spannende akkoordvervangingen. Het blijft altijd wonderbaarlijk dat dit een improvisatie is en op dat ene moment in de geschiedenis is ontstaan.:



Je kunt de transcriptie vinden via: Wes Montgomery - Four on Six (tab).pdf

woensdag 3 december 2014

Meer dan alleen de noten - "Lenny" van Stevie Ray Vaughan

Op de albums van Stevie Ray Vaughan zijn naast zijn bekende vocale blues-stukken ook instrumentale ballads te vinden. "Little Wing" was de eerste die ik van hem leerde kennen. Zijn helder toon die onmiskenbaar gekoppeld is aan de stratocaster is uit duizenden te herkennen. Als hij op zijn strat twee pickups combineert (stand 2 en met name 4 van de vijfstandenschakelaar) klinken zijn noten haast als glazen bolletjes die uit je speakers rollen. Vaak verandert hij tijdens het nummer ook zijn toon door een ander(e) element(-combinatie) te kiezen. Dit gebruikt hij duidelijk om de expressie in zijn spel te verhogen. Hij is ook een meester in het gebruik van overdrive op zo'n manier dat de hoeveelheid oversturing door de dynamiek van zijn aanslag bepaald wordt. Vaak net een randje en bij hard aangeslagen noten net iets meer.

Een heel boeiend voorbeeld van nog zo'n instrumentaal stuk is "Lenny". In dit stuk combineert hij op een geraffineerde wijze zijn bluesy lijnen met de mooie rijke akkoorden uit de jazzmuziek. Daarnaast koppelt hij deze klanken ook nog eens met het gebruik van de whammy-bar waardoor hij een soort hawaii-achtig pedalsteel-gitaargeluid produceert.

Wat ik minstens zo bijzonder vind aan zijn soleerstijl even verderop in het stuk is dat hij een heel scherp ritmisch voorstellingsvermogen heeft. Het ene moment speelt hij rechte zestienden en het andere moment soleert hij met geshuffelde zestienden. Zijn begeleidingsband speelt daarbij heel solide door en daardoor ontstaat een mooi contrast.

Hoewel het stuk "Lenny" instrumentaal is heeft het voor mij een heel sterk vocaal karakter. Dit komt doordat hij heel dynamisch speelt; sommige tonen wat harder, anderen weer wat zachter. Net als bij de gesproken taal geld dat communicatie meer is dan alleen woorden. Muziek is meer dan alleen de noten. Volgens mij zouden zelfs kinderliedjes nog mooi klinken als de SRV-man ze zou spelen ;).

Hieronder een mooie live-versie waarin in het intro ook een verwijzing zit naar een andere instrumentale ballad van hem, genaamd "Riviera Paradise" van het album "In Step". In deze live-versie is zijn voorliefde voor jazz nog eens extra goed te horen in de improvisatie. Hij laat veel ruimte in zijn improvisatie waardoor het geheel blijft ademen. En de invloed van zijn grote voorbeeld Jimi Hendrix is ook nog eens duidelijk te horen.



Om je op weg te helpen heb ik een transcriptie gemaakt van de album-versie. Veel plezier en vergeet niet om met de opname erbij te oefenen want het gaat niet alleen om de noten maar ook de toonvorming!



Je kunt de transcriptie vinden via: Stevie Ray Vaughan - Lenny - Guitar (tab).pdf

donderdag 16 oktober 2014

Verhoog je kwaliteit van oefenen met deze eenvoudige tips

Stel je voor: je hebt gitaarles, je oefent regelmatig en leert gaandeweg steeds meer liedjes kennen. Nu zeggen veel gitaarleraren dat je pas naar het volgende liedje zou moeten gaan als je het geoefende liedje echt beheerst. Hoe kun je nu controleren of je het geoefende ook echt beheerst?

1. Allereerst zou je kunnen testen of je het liedje uit je hoofd kent. Als je het liedje leerde van noten/tabulatuur speel dan zonder blaadje. Wanneer je niet meer afhankelijk bent van je papier zal je muziek veel beter en muzikaler klinken omdat je dan je aandacht kunt richten op hoe je speelt en niet op het bekijken van de volgende noot. Heb je geen bladmuziek erbij maar heb je het op gehoor geoefend met de originele opname erbij, probeer het dan zonder opname te spelen en beluister of het logisch en muzikaal klinkt. In het ideale geval hoor je tijdens het spelen de opname in je gedachten meelopen.
2. In de tweede plaats zou je kunnen testen of je het liedje samen met een andere musicus kan spelen. Je kunt bijvoorbeeld je leraar vragen je te begeleiden. Meespelen met een drumcomputer of metronoom kan ook een goede test zijn. Soms raak ben je ineens kwijt waar je ook alweer was. Soms blijkt dat je niet uit jezelf een noot op het goede moment meer kan spelen en dat de begeleiding je 'afleidt'.
3. Je kunt het geoefende zingen, fluiten of neurieen om te bepalen of je de klank van het liedje voldoende in je hoofd hebt zitten.
4. Je kunt met je voet de maat tikken terwijl je speelt om te controleren of je je tijdens het spelen voldoende bewust bent van de tel en of de onderverdelingen van de tel. Zo werk ja aan de 'ideale drummer in je hoofd'.
5. Een ander prikkelend idee is om een liedje achterstevoren te spelen (uit je hoofd). Door het liedje achterstevoren te leren spelen verbetert je vermogen om, wanneer je het liedje weer in de normale volgorde speelt, vooruit te blijven denken.
6. Je kunt er veel van leren als je een opname van jezelf maakt en deze terugluistert. Soms hoor je dan dat je lange noten te kort speelt of dat je in een snel fragment vertraagd doordat je techniek tekort schiet.
7. Vaak is het lastig om een liedje in een heel ander tempo te spelen. Vooral het heel langzaam spelen wil nogal eens lastig zijn omdat je dan moeilijker het overzicht houdt. Bij sommige leerlingen merk ik dat ze het liedje maar in 1 specifiek tempo hebben geoefend.
8. Speel het liedje eens in een andere toonsoort/maatsoort/mode. Deze tips zijn wat meer voor de gevorderde leerling en vergen veel meer van je kennis en vaardigheid maar kunnen daarentegen weer leiden tot heel mooie en creatieve nieuwe benaderingen.
9. Oefen eenzelfde melodie ook in andere posities: de gitaar is uniek omdat je melodieen op veel verschillende manieren kan spelen. In mijn eigen ervaring kies je vaak voor de jou bekende weg. Als je een beetje onderzoekt kom je vaak op heel goede alternatieven die soms ook nog eens beter klinken.
10. Een nog verder gevorderde aanpak die heel tof is: Zet voor de verandering de metronoom eens niet op de kwartnoot maar op de kwartnoot-punt. Of vat de metronoom op als een moment tussen twee tellen (bijvoorbeeld de 2e zestiende als je bv een funk-slagje oefent). Je test hiermee je ritmische autonomie.